Dag 6: Ngorongoro Conservation Area
Vandaag daal je af in de indrukwekkende Ngorongoro-krater voor een spectaculaire game drive. Tijdens deze rit ga je op zoek naar de zeldzame zwarte neushoorn, terwijl ook hyena’s, leeuwen en grote groepen buffels zich regelmatig laten zien. De oude mannetjesolifanten in de krater zijn bovendien indrukwekkend groot – tot de grootste ter wereld.
Sam vertelt: "De Ngorongorokrater is één van meest bizarre en aantrekkelijke plekken die ik ooit zag. Ooit was dit een vulkaan van pakweg 5000m, tot ze halverwege instortte. Wat rest is een gigantische grasvlakte die natuurlijke bescherming biedt voor duizenden dieren. Laat ons zeggen dat de Beekse Bergen een flauw afkooksel van een homeopatische versie van Ngorongoro zijn. Daar waar je in Tarangire tussen de flora echt moest verrekijken, telelenzen en spotten naar exotische dieren, lopen ze in Ngorongoro allemaal in grote getalen rond op de grote, open oppervlakte. Flamingo, hyena, gazelle, zebra, buffel, olifant en heel wat gevogelte waar ik zeker van was dat ik de naam niet ging vergeten. Er zijn zoveel dieren, ze zijn, staan, liggen overal op willekeurige plaatsen. Ik denk terug aan de bevolking langs de lokale wegen.
We rijden nog uren verder naar de klassieker der safariparken: Serengeti. De maan is vol, zwaar en staat laag. Het is regenseizoen en de wegen zijn glibberig. Op 100 meter van ons tentenkamp Osinon rijdt Goodluck zich vast. Good Stuck grap ik, tot ik door heb dat hij zich in het donker in het hoge gras moet begeven. Ik slik even, zoek mijn zaklamp in mijn multifunctionele broek en verwijt de kinderen dat ik ze niet vind."
Dag 6-8: De Serengeti
Sam schrijft: "De uitbaters van het tentenkamp zijn in het laagseizoen een drietal vrolijke Fransen, ik bedoel Tanzanianen. Tijdens hun jeugd zongen ze elke ochtend al dansend Hakuna Matata. Na het ontbijt wuiven ze ons uit voor onze een hele dag gamedrive in het meer beboste gedeelte van de Serengeti. Ik neem een foto waarop zowel een krokodil als een giraf vredig op staan. Een nijlpaard zwiert zijn stront met zijn ronddraaiend staartje meters hoog in de lucht. Zo wint hij een harem vrouwtjes. Ik denk aan Kenny Thompson, afvallig verdediger bij OH Leuven: ‘En als ik dat doe, is het fout!’ Een roofvogel vliegt weg met een slang in zijn poten. Een mangoest staat recht en poseert voor de foto. Een weavermannetje (klein geel vogeltje) maakt een nest in de hoop een vrouwtje te strikken. Het vrouwtje wijst hem af en beveelt hem een nieuw nest te maken.De natuur is prachtig, maar kan ook onnoemelijk wreed zijn. Collega-gidsen signaleren een luipaard. We staan in een safari-jeep-file en zien in de verte een gevlekte poot uit een boom hangen. Het schemert. Goodluck rijdt zich weer vast. Zoonlief slaapt op de achterbank. Mijn foto’s worden beter, de liefde voor mijn afritsbare broek meer openbaar. Elke dag lijkt hier hetzelfde, maar vervelen doet het nooit. De dankbaarheid piekt op het allerhoogste niveau. Die nacht ligt er een buffel voor de tent te slapen.
Zo meanderen de dagen verder en komen we bij de laatste en-route-gamedrive. We verlaten de Serengeti om via Ngorogoro terug naar Manyara’s secret te rijden. De laatste en-route-gamedrive eindigt met een knal. We passeren een zestal leeuwenrotsen. Ik noem ze gemakshalve leeuwenrotsen omdat er op de rotsen telkens leeuwen te zien zijn. Vanop zo’n rots kan een luie leeuw makkelijk op zoek gaan naar een prooi. Luie mensen zijn vaak de meest creatieve en efficiënte mensen, zo gaat het ook met dieren. Een luierik zal altijd de meest efficiënte manier vinden om een doel te bereiken en dat gaat vaak hand in hand met creativiteit. De leeuw dus. Ik zie op een rots 3 welpjes knuffelen. Op een andere rots ligt een welpje moedermelk te drinken. Ik heb een goede foto, maar twijfel of leeuwentepels een fotografisch ding zijn of eventueel zullen worden. Nog een rots: moeder en kind liggen te liggen. Weer een rots: is dat nu een mannetje onder die takken? Aan een meertje liggen zeker 3 leeuwen die zich fysiek als mannelijk identificeren. Een goede foto is moeilijk. Ze liggen orgiegewijs door mekaar en ik heb zicht op leeuwenballen. Kent de leeuw dan geen enkel fatsoen meer? Op de achtergrond zie ik een koepel? Fata Morgana? Neen, het blijkt een nijlpaard.
Joshua, de onstuimige, racet plots door de vlakte. Hij spot een cheetah die net de achtervolging inzet op een verzwakte gnoe. Na het spurtje van de eeuw heeft de cheetah beet (pun intended). Francis rijdt ons als derde jeep naar dit staaltje natuur. Diep ademend zit de cheetah nerveus rond te kijken bij haar prooi. Ondertussen staan er al 15 jeeps rond. Is dit nog wel een natuurlijk proces? Ik hoor mezelf luidop denken, want het is muisstil. Iedere mens met een schermpje is zich bewust van dit unieke moment. Een chauffeur glijdt onhandig uit en toetert heel luid doorheen de serene stilte. Hij bulderlacht er boven op. This is Africa. Is de cheetah zo nerveus omdat ze omcirkeld is door inmiddels 20 jeeps? Neen, ze roept haar welpjes, 4 stuks die dartel door het hoge gras komen gehuppeld. Dit is zo’n perfect einde van onze safari, dat ik kwaad opzet begin te vermoeden. Heeft iemand dit in scène gezet?
Het is echt. Het is wat het is. Van de big five zien we enkel de neushoorn niet. Die blijkt in een nog extra bewaakt deel van het park te zitten. Vrijheid is anno 2025 altijd relatief. Het is regenseizoen, dat wil zeggen migratie. Ik zie tienduizenden zebra’s, buffels, gnoes, gazelles in lange colonnes, in fil indienne verder trekken. Nooit of te nimmer zal ik nog kunnen genieten van 3 zebra’s en 2 olifanten in een kleine kooi in een dierentuin. Ik ben een verwend man."
Dag 8-10: Afsluiting in Arusha en Kili Villa
De laatste woorden van Sam: "De Safari zit erop. We moeten afkicken van de natuurlijke pracht die als een zoete, sterke wijn onze ziel binnengleed. Via Manyara’s Secret – nog even verpozen in één van de vele zwembaden- rijden we richting Arusha. We rijden door dorpen, waar een golfplaten dak nog een zekere standing heeft, waar het plastic nog steeds op de grond ligt en het leven verder kabbelt. Een Maasai houdt ons aan. Hij vraagt of we nergens een jongetje van 5 jaar hebben gezien. Hij was zijn kudde geiten aan het hoeden, maar is door de plotse regen nog niet thuisgekomen. Ik kijk weer naar de achterbank, zoonlief slaapt weer, ik houd hem zelfs in de gaten als hij naar de brievenbus loopt.
Aangekomen bij Kili Villa -met privéchef- nemen we afscheid van ons gidsende trio. Als een Belgische Von Trapp Familie zingen we de Tanzaniaanse oorworm “Djambo Bwana” in het Swahili. Heel even zweeft de illusie in de lucht dat we vrienden gaan blijven, maar iedereen blijft professioneel en neemt afscheid. Vaklui, pur sang. Gids zijn in Tanzania is trouwens geen lachertje: zeer zware examens (ken jij 1200 vogels van buiten?), veel concurrentie en de lat ligt zeer erg hoog. Dat loont, want zo komen toppers als Joshua, Francis en Goodluck bovendrijven. Ze zijn fier op hun land, maar niet blindelings, ze zijn ook kritisch waar het moet. Ze zijn eigenzinnig, maar ook gedienstig. Ze hebben hun persoonlijkheid, maar geen ego. Het team en de ervaring, dat is wat telt. En dankbaarheid natuurlijk, Babu en Bibi."